Familiepicknick op het IJsselmeer.

Deel 4 (slot) van de winter van 1962-1963

Enorme sneeuwduinen in Engeland in 1963

Ondertussen wordt ook de schaduwzijde zichtbaar van deze winter. In West-Europa komen duizenden mensen om als gevolg van het barre winterweer. Op 20 januari komt de scheepvaart op de Rijn volkomen stil te liggen. In het Alpengebied ligt het Bodenmeer voor het eerst sinds 1830 geheel dicht. Dat men overal op de Zürichsee kan schaatsen, is voor het laatst mogelijk geweest in 1929. In Engeland beleeft men de koudste januari maand sinds 1795. Begin februari liggen hier op verscheidenen plaatsen sneeuwduinen van zes meter. Nederland ziet er medio februari al wekenland uit als een poollandschap.

 

Op de 13de februari kondigt het KNMI dooi aan, maar die gaat niet door. Ook worden er nog steeds autotochten gemaakt op het IJsselmeer. Er wordt melding gemaakt van grote ijsvelden op de Noordzee, de zeewatertemperatuur is al enkele weken 1,5°C onder nul. Op 27 januari is het enorm druk op de stranden. Duizenden mensen komen kijken naar het drijfijs dat door de noordwestelijke winden op het strand is geblazen. Zoiets zie je maar één keer in je leven!

IJsvelden in de Noordzee

 

De drukverdeling is in februari niet wezenlijk anders dan in januari; veelal een hoog boven Groenland en enkele depressies gevuld met koude lucht. Het solide winterweer duurt voort. Af en toe valt er sneeuw, vooral begin februari en dagelijks van 11 tot 21 februari. De vorst is opnieuw streng van 21 tot 25 februari (De Bilt). Door de toenemende invloed van de zon, stijgt de temperatuur overdag tot boven het vriespunt. In het noorden bleef het in februari op 20 tot 26 dagen de hele dag vriezen.

 

Fietsen op het IJs

Maart begint zonnig en koud. De eerste dagen van maart vroor het 10 tot 16°C, maar op 4 maart komt in De Bilt het etmaalgemiddelde weer boven nul, op zes losse dagen na was het er sinds 22 december beneden nul geweest. De winter gaat als een nachtkaars uit. Van een nawinter is geen sprake, het wordt meteen lente en eind mei is het zelfs al zomers.

Branden in de winter van 1963.

 

De schade van de winter van 1963 is groter dan die van de stormvloed van 1953. Denk alleen al aan de verliezen in de bouwsector door vorstverlet. In Zeeland blijken haast alle oesters verloren te zijn gegaan.

 

Samenvattend;

Een strenge en lange winter. Veel sneeuw, op het KNMI te De Bilt op 37 dagen in drie maanden. Overal ligt 10 à 11 weken een sneeuwdek. De winter van 1963 gaat de boeken in als de koudste winter van de 20ste eeuw; in De Bilt is de gemiddelde temperatuur -3,1°C en te Ukkel (België) -2,0°C. In De Bilt ligt sneeuw van 26 december 1962 tot 5 maart 1963 en in Ukkel van 25 december 1962 tot 5 maart 1963, respectievelijk 70 en 71 dagen aaneen. Op 6 maart komt er op de Baraque Michel een einde aan een vorstperiode van 96 dagen die op 1 december 1962 is begonnen.. In de Hoge Venen heeft continue sneeuw gelegen van 12 november tot ongeveer 20 maart.

Zullen we zoiets dergelijks ooit nog meemaken ?