Ook het brood moest bezorgd worden in de winter van 1962-1963

Deel 2 De winter van 1962/1963

Het vee had het moeilijk.

Na een koud voorjaar en een veel te koude zomer in 1962 begint de winter van 1962/1963 op 10 november. Het wordt kouder in ons land en op de 12de sneeuwt het en op de 16de hebben grote delen van West-Europa te kampen met storm en sneeuw. In Deelen vriest het op de 22ste al 9°C. Nu en dan sneeuwt het.  Op 26 november is de eerste winterse aanval, die in De Bilt 9 sneeuwdagen en 2 ijsdagen heeft opgeleverd, weer voorbij.

Een belangrijke bijdrage aan het zonnige imago van de ‘Jahrhundertwinter’ levert de sinterklaasperiode van begin december. Van 1 tot en met 7 december scheen de zon op het KNMI in De Bilt afgerond 43 uur. Dat aantal uren komt overeen met 58% van het totaal aantal uren van geheel december 1962. Het maandtotaal bedroeg dus 74 uur: alleen een jaar later, december 1963(!) en in 2008 schitterde de decemberzon meer uren aan het firmament, namelijk 75 en 85 uur. Het stralende en ook vorstige weer hing samen met een zeer sterk hogedrukgebied dat zich over de Noordzee naar het Europese vasteland verplaatste. De gemiddelde luchtdruk bedroeg op 1 december in De Bilt 1040,6 hPa. Op 2 december werd in de DDR (het toenmalige Oost-Duitsland) en in Polen 1045 hPa gemeten. De koude luchtlaag werd echter wel dunner en dunner. Op 6 december registreerde De Bilt voor het eerst strenge vorst, namelijk – 10,3°C. Tijdens de middaguren werd het 18 graden warmer, namelijk 8,0°C. Op Volkel werd op 5 december -11,2°C gemeten. Dankzij de zeer droge lucht werd de kwaliteit van het ijs (er werd al snel geschaatst op ijsbanen en ondergelopen weilanden) nauwelijks aangetast. Het was wel vaak mistig. In Londen eist de smog van 3 tot 6 december bijna 1000 slachtoffers. Ook in Nederland moet Sinterklaas het op 5 december op de tast doen door instromende vochtige lucht werd het in het westen en noorden hartstikke mistig. Sommige automobilisten laten iemand anders naast de auto lopen en nog verdwalen ze en rijden de gracht of het kanaal in.

winter van 1963

Prachtige plaatjes als resultaat.

winter van 1963

Wegen moesten worden vrijgemaakt.

winter van 1963

Of men raakte ingesneeuwd. Ook in Engeland was het goed raak.

winter van 1963

Dorpen raken geïsoleerd.

winter van 1963

Sommigen waren onbereikbaar.

De trein bij Oosthuizen.

Enkele actieve depressies veroorzaken op de 9de sterke dooi en op 15 en 16 december een storm, die veel scheepsrampen veroorzaakt. Intussen verplaatst de hogedruk zich naar de Azoren, maar kort na het midden van de maand bouwt zich boven Noord-Europa een barometrisch maximum op dat zich vervolgens verenigt met het Azorenhoog. Op 23 december staan de barometers bijzonder hoog.

Tijdens het stormweer in het westen, schieten in Oost-Europa de thermometers omlaag tot 20 a`30°C onder nul. Op 19 december dringt de koude lucht bij oostenwinden over Duitsland en de Lage Landen op naar het westen en op de 20ste is alleen Zeeland nog vorstvrij. een depressie slaagt erin de koude lucht tijdelijk terug te dringen, maar dan doet een daling van de luchtdruk in Zuid-Europa een harde oostenwind opsteken, waardoor de vorst zich weer snel uitbreidt en spoedig matig tot streng wordt. Op veel plaatsen zou het bijna drie maanden achtereen elke dag vriezen. In het noordoosten van Nederland ligt op de 21ste sneeuw, de rest van het land moet nog geduld hebben. De Bilt had vanaf 22 december een serie van dertien ijsdagen, dagen waarop het dus dag en nacht blijft vriezen. Het IJsselmeer was voor de kerst dicht gevroren. Een kleine storing boven de Noordzee zorgt op tweede kerstdag nog juist voor een romantische sfeer door wind van zee en sneeuw. Het hogedrukgebied was in tweeën gebroken en wij kwamen in niemandsland. Hoe anders zou dat 4 dagen later zijn !

 

Nieuwe hogedruk ten oosten van ons en opdringende zachte lucht boven Frankrijk zorgden samen voor een ware sneeuwjacht op de 30ste. Een harde tot stormachtige oostenwind en langdurige sneeuw. Heel grimmig!  Oudejaarsdag was weliswaar droog, maar omdat de wind weer opstak, kregen we toen te maken met verstuivende sneeuw. De jaarwisseling 1962- 1963 is onvergetelijk! Men komt eenvoudig de deur niet uit.

Een ooggetuige uit die tijd  schrijft:

Huizenhoge sneeuwhozen trekken in razende vaart over de wegen, zodat het lijkt alsof er wolkendamp opstijgen. Het mist van de jachtsneeuw. Het zicht wordt dikwijls tot slechts een paar meter terug gebracht. De verschrikkelijke sneeuwjacht- er valt in tegenstelling tot de dag ervoor geen vlokje- wordt voor gestuwd door een stormachtige noordooster, waarbij het kwik midden op de dag naar -4°C zakt”

In het hele land raken dorpen geïsoleerd, veel noord-zuid verbindingen worden bedolven onder dikke stuifsneeuwduinen van 2 à 3 meter hoogte. De rijksweg Amsterdam – Utrecht is volkomen onberijdbaar, die van Amsterdam naar Den Haag is alleen in noordelijke richting berijdbaar. Veel gemeenten moet men vanuit de lucht bevoorraden. Bij Oosthuizen ontspoort een trein in een sneeuwberg.

Honderden automobilisten moeten in hun (koude) wagen overnachten, veerdiensten vallen uit en de kolenaanvoer dreigt te stagneren. Heel veel nieuwjaarsrecepties moeten worden afgezegd.

http://newsimg.bbc.co.uk/media/images/47065000/jpg/_47065407_freeze_jex_6184_de23.jpgIn januari ontwikkelt zich een hogedrukgebied tegendraads van Scandinavië naar IJsland en de Britse eilanden, enkele storingen brengen af en toe sneeuw. Op de 3de ijzelt het en op 5 januari dooit het korte tijd in het hele land. Maar een nieuwe koudegolf is al onderweg en men mag op een aanhouden van de vorst rekenen ! In enkele nachten vriest het weer minstens 15°C en op enkele plaatsen zelfs 21°C.

 

In deel 3 hoop ik het vervolg van deze winter te beschrijven en met daarin speciale aandacht voor de barre Elfstedentocht van 1963 !